medische termen
- Allodynie: stoornis in de pijngewaarwording, niet-pijnlijke prikkels worden als pijnlijk ervaren
- Anaesthesia dolorosa: voortdurend pijngevoel terwijl er ongevoeligheid is voor pijnprikkels en aanraking
- Atrofie: verschrompeling van een normaal ontwikkeld orgaan of weefsel
- Cyanose: blauwe verkleuring van weefsel door zuurstoftekort in dat weefsel
- Dystonie: dwangstand van pols, vingers of voet door continue verkramping
- Dystrofie: verstoorde voedingstoestand in weefsel
- Epidemiologie: de leer van de frequentie van het optreden van ziekten en factoren die de frequentie bepalen (hoe vaak komt het voor en welke factoren spelen hierbij een rol)
- Epidurale ruimte: ruimte aan de buitenzijde van het harde ruggenmergvlies
- Etiologie: oorzaak van een specifieke ziekte of aandoening
- Extremiteit: een lidmaat: een arm of been
- Hyperalgesie: toegenomen gevoeligheid voor pijn en een verlaagde pijndrempel
- Hyperesthesie: extreme gevoeligheid voor aanraken
- Hypesthesie: verminderde gevoeligheid
- Ischemie: onvoldoende bloedtoevoer naar een orgaan of weefsel
- Myoclonie: snelle herhaalde spiersamentrekkingen
- Oedeem: overmatige ophoping van vocht in het weefsel
- Syndroom: een geheel van symptomen bij een ziekte of aandoening
- Triggerpoints: drukpunten die uitstralende pijn geven
- Vasculair: betreft de bloedvaten
- Vasodilatatie: verwijding van bloedvaten
